Je plant een autorit en wilt weten hoe lang de rit ongeveer zal duren.
Schrijf een programma dat:
de gemiddelde snelheid van de auto (in km/u) inleest;
de af te leggen afstand (in km) inleest.
Bereken vervolgens hoeveel uren(tijd) nodig zijn om de bestemming te bereiken.
De formule is eenvoudig:
\[tijd = \frac{afstand}{snelheid}\]Het antwoord kan een kommagetal zijn (bijvoorbeeld
1.5uur). Zorg er dus voor dat je deling een echte deling is en geen gehele deling. Werk met kommagetallen (double).
De invoer komt op twee regels: eerst de snelheid, dan de afstand. Toon het resultaat exact in deze vorm:
Je bent {tijd} uur onderweg.
waarbij je {tijd} vervangt door de berekende tijd.
Invoer:
100
100
Uitvoer:
Je bent 1 uur onderweg.
Invoer:
60
90
Uitvoer:
Je bent 1.5 uur onderweg.