Drop links or images here to add them to the editor.
Dit theorieblok behandelt Hoofdstuk 3: De univariate beschrijvende statistiek. In dit hoofdstuk leer je hoe je één variabele beschrijft met frequenties, centrummaten, spreidingsmaten, vormparameters en grafieken. Het meetniveau bepaalt welke maat of techniek je mag gebruiken. Criminologische voorbeelden – zoals zelfgerapporteerde delicten en slachtofferschap – tonen hoe univariate statistiek inzicht geeft in patronen, verschillen en scheefheid binnen data.
Studiemateriaal en leerdoelen:
- Absolute, relatieve en cumulatieve frequenties interpreteren
- Het juiste grafiektype kiezen (taartdiagram, staafdiagram, histogram, cumulatieve grafiek, lijndiagram, frequentiepolygoon)
- Modus, mediaan en gemiddelde berekenen en inhoudelijk beoordelen
- Spreidingsmaten toepassen (VR, ID, variatiebreedte, IKA, variantie, standaardafwijking, variatiecoëfficiënt)
- Scheefheid, kurtosis en box plots uitleggen en interpreteren
- De koppeling maken tussen onderzoeksvraag, meetniveau en gepaste univariate techniek
Verplichte Literatuur
Hoofdstuk 3: De univariate beschrijvende statistiek
Basiscursus Statistiek in de Criminologie – Deel I (Theorieboek)
Lees dit hoofdstuk zorgvuldig. Besteed speciale aandacht aan:
- Frequenties: absolute, relatieve en cumulatieve frequenties
- Grafische representaties: taartdiagrammen, staafdiagrammen, histogrammen
- Centrummaten: modus, mediaan en gemiddelde
- Spreidingsmaten: variatiebreedte, interkwartielafstand, variantie, standaardafwijking
- Vormparameters: scheefheid en kurtosis
- Box plots en uitschieters
- Het verband tussen meetniveau en statistische technieken
Na bestudering van dit materiaal beheerst u:
- Het berekenen en interpreteren van frequentietabellen (absoluut, relatief, cumulatief)
- Het kiezen en maken van de juiste grafische weergave op basis van meetniveau
- Het berekenen en interpreteren van centrummaten (modus, mediaan, gemiddelde)
- Het berekenen en interpreteren van spreidingsmaten (VR, ID, IKA, variantie, standaardafwijking)
- Het interpreteren van scheefheid en kurtosis in een verdeling
- Het maken en interpreteren van box plots
- Het selecteren van de juiste univariate techniek op basis van onderzoeksvraag en meetniveau
Deze bouwstenen vormen de basis voor de hoofdstukken over de normale verdeling en inferentiële statistiek.