Een leerkracht houdt de punten van een klas bij in een tabel: één rij per
student, één kolom per vak. Alle punten staan op 10. Een punt lager dan
5 is een onvoldoende.
Lees de tabel in en bereken drie dingen over de resultaten.
De invoer ziet er zo uit:
Bewaar de punten in een 2D-array en toon, in deze volgorde:
naam: score;5);Toon dit precies in onderstaande vorm. Je mag ervan uitgaan dat er telkens één student het hoogste gemiddelde heeft.
Hoogste score per student:
<naam>: <hoogste score>
...
Aantal studenten met minstens 1 onvoldoende: <aantal>
Hoogste gemiddelde: <naam>
Invoer:
5
3
Emma 7 8 6
Louise 10 10 10
Marie 4 3 5
Elise 6 1 9
Lea 5 10 7
Uitvoer:
Hoogste score per student:
Emma: 8
Louise: 10
Marie: 5
Elise: 9
Lea: 10
Aantal studenten met minstens 1 onvoldoende: 2
Hoogste gemiddelde: Louise
In dit voorbeeld hebben Marie (4 en 3) en Elise (1) elk minstens één
onvoldoende, en heeft Louise met gemiddelde 10 het hoogste gemiddelde.
Invoer:
3
2
Tom 8 6
Sara 9 9
Jan 4 7
Uitvoer:
Hoogste score per student:
Tom: 8
Sara: 9
Jan: 7
Aantal studenten met minstens 1 onvoldoende: 1
Hoogste gemiddelde: Sara