In het spel hoger-lager denkt de computer aan een geheim getal tussen 1 en 100. Jij probeert dat getal te raden. Na elke foute gok krijg je een hint: moet je hoger of lager raden? Wanneer je het getal vindt, stopt het spel en zie je hoeveel beurten je nodig had.
random.Next(1, 101).Raad hoger;Raad lager;Correct! Je had N beurten nodig., waarbij je
N vervangt door het aantal gedane gissingen, en stop het spel.Een beurt is één gok. Heb je het bij de eerste gok juist, dan had je 1 beurt nodig.
Maak je
Random-object één keer aan, bovenaan je programma, en kies daarmee het geheime getal. De gokken lees je daarna in een lus in.
De invoer bestaat uit de gokken van de speler, één per regel. Het geheime getal kiest de computer zelf willekeurig, dus jouw spelverloop kan anders zijn dan in het voorbeeld hieronder.
Invoer: (in dit voorbeeld is het geheime getal 42)
50
25
40
42
Uitvoer:
Raad lager
Raad hoger
Raad hoger
Correct! Je had 4 beurten nodig.
De speler gokt 50 (te hoog → Raad lager), 25 (te laag → Raad hoger), 40
(te laag → Raad hoger) en ten slotte 42 (juist, na 4 beurten).