Een SIR-model verdeelt een groep in drie delen:
vatbaar: kan nog besmet rakenbesmet: is nu ziekresistent: is hersteld of beschermdIn deze oefening werk je meerdere rondes bij met een for-lus.
Bij elke ronde:
vatbaar = vatbaar - nieuwe_besmettingen
besmet = besmet + nieuwe_besmettingen - genezen
resistent = resistent + genezen
De invoer is geldig: er genezen nooit meer personen dan er besmet zijn, en er raken nooit meer personen besmet dan er vatbaar zijn.
Voor deze invoer:
20
2
0
3
4
1
3
2
2
1
moet je programma exact dit printen:
Na 3 rondes: vatbaar=11, besmet=7, resistent=4