Je kan een priemgetal naast zijn eigen waarde ook een teller geven. Zo is 2 het 1ste priemgetal, 3 het 2e, 5 het 3e en zo voort. Een super priemgetal is een priemgetal waarbij zijn plaats in de lijst met priemgetallen ook een priemgetal is. Zo zijn 3 & 5 super (want 2 & 3 zijn priem) maar 7 niet (want 4 is niet priem).

Om te weten het hoeveelste priemgetal we hier hebben, tel je best hoeveel priemgetallen er bestaan kleiner dan dat getal.
Schrijf een functie superPriemgetal(...) die bepaalt of een getal al dan niet een super priemgetal is.
>>> superPriemgetal(6823)
True
want 6823 is het 877e priemgetal en 877 is priem.
>>> superPriemgetal(5099)
False
want 5099 is het 681e priemgetal en 681 is niet priem.