De ijsboer heeft ondertussen door dat iedereen de duurdere optie uit de extra’s haalt, en dat kost hem wel wat winst. Hij kiest dus om de prijs van elke extra individueel te bepalen.

De prijs voor de bollen verandert niet, maar als de persoon regenboogsprinkels wil (R), betaalt die 50 cent, voor chocoladesaus (C) betaal je 80 cent en voor een extra koekje (K) betaal je 30 cent.
Schrijf een programma dat aan de gebruiker vraagt hoeveel bollen ijs hij/zij wil. Vraag daarna welke optie de gebruiker als extra wil (R/C/K/N). Geef op het scherm weer hoeveel de persoon moet betalen.
Met invoer van achtereenvolgens 3 en C verschijnt er:
De prijs is 5.1 euro.
Met invoer van achtereenvolgens 2 en K verschijnt er:
De prijs is 3.8 euro.