Mierencommunicatie verloopt hoofdzakelijk door middel van geurstoffen die feromonen genoemd worden. Ze worden bijvoorbeeld gebruikt om aan te geven waar er voedsel te vinden is. Zo kan een voedselverzamelaar een spoor op de grond achterlaten om andere voedselverzamelaars te informeren waar er voedsel te vinden is. Mieren die het feromonenspoor volgen, zorgen voor een versterking van het signaal, waardoor nog meer mieren het spoor blijven volgen totdat het voedsel is uitgeput. Het feromonenspoor wordt dan niet langer versterkt en vervaagt langzaam.

Behalve feromonensporen gebruiken mieren verschillende soorten informatie om de weg naar hun nest terug te vinden. Zo tellen ze bijvoorbeeld het aantal stappen dat ze hebben genomen sinds hun vertrek, hebben ze een ingebouwd kompas en slaan ze herkenningspunten op in hun geheugen. Mieren die een feromonenspoor verliezen (bijvoorbeeld omdat ze door een mens op een andere plaats worden neergezet) hebben het vaak moeilijker om hun nest terug te vinden.

Opgave

In deze opgave simuleren we het gedrag van een mier die op basis van een verstoord feromonenspoor de weg naar zijn nest probeert terug te vinden. De omgeving waarin de mier zich beweegt, wordt voorgesteld als een vierkant $$n \times n$$ rooster met $$n$$ rijen en $$n$$ kolommen. De mier bevindt zich initieel in de linkeronderhoek van het rooster en zijn nest bevindt zich in de rechterbovenhoek van het rooster. Elke cel van het rooster bevat een feromonenspoor dat wijst naar boven, onder, links of rechts. Bij elke simulatiestap verplaatst de mier zich naar de naburige cel die wordt aangegeven door het feromonenspoor, waarna de richting van het spoor op de cel die wordt verlaten 90° in wijzerzin gedraaid wordt. Indien de mier niet in de aangegeven richting kan bewegen omdat ze tegen de rand van het rooster aanloopt, blijft ze op haar huidige positie staan, maar wordt de richting van het spoor op de cel wel nog 90° in wijzerzin gedraaid.

dronken mier

De originele configuratie van een vierkant $$n \times n$$ rooster met feromonensporen werd opgeslaan in een tekstbestand. Het bestand bevat $$n$$ regels en elke regel bestaat uit $$n$$ richtingsaanwijzers die van elkaar worden gescheiden door een spatie. De volgende vier karakters worden gebruikt als richtingsaanwijzer:

Gevraagd wordt om een klasse DronkenMier te definiëren, waarmee de beweging van een mier kan gesimuleerd worden. De objecten van deze klasse moeten minstens de volgende methoden hebben:

Voorbeeld

Bij onderstaande voorbeeldsessie gaan we ervan uit dat het tekstbestand vierkant.txt1 zich in de huidige directory bevindt.

>>> mier = DronkenMier('vierkant.txt')
>>> mier.positie()
(3, 0)
>>> mier
> > > >
^ < ^ v
^ v ^ ^
> > v >
>>> print(mier)
 >  >  >  > 
 ^  <  ^  v 
 ^  v  ^  ^ 
[>] >  v  > 

>>> mier.stap()
(3, 1)
>>> mier.positie()
(3, 1)
>>> mier
> > > >
^ < ^ v
^ v ^ ^
v > v >
>>> print(mier)
 >  >  >  > 
 ^  <  ^  v 
 ^  v  ^  ^ 
 v [>] v  > 

>>> mier.stap()
(3, 2)
>>> mier.positie()
(3, 2)
>>> mier
> > > >
^ < ^ v
^ v ^ ^
v v v >
>>> print(mier)
 >  >  >  > 
 ^  <  ^  v 
 ^  v  ^  ^ 
 v  v [v] > 

>>> mier.stappen()
[(3, 2), (3, 2), (3, 1), (3, 1), (3, 0), (3, 0), (3, 0), (2, 0), (1, 0), (0, 0), (0, 1), (0, 2), (0, 3)]
>>> mier.positie()
(0, 3)
>>> print(mier)
 v  v  v [>]
 >  <  ^  v 
 >  v  ^  ^ 
 >  ^  ^  > 

Epiloog

Je hebt je misschien wel afgevraagd of het niet mogelijk is dat een mier tijdens de simulatie eeuwig rondjes blijft draaien zonder ooit zijn nest te bereiken. We kunnen echter eenvoudig aantonen dat een mier steeds na een eindig aantal stappen de rechterbovenhoek van het rooster zal bereiken. Veronderstel bij wijze van contradictie dat de mier voor eeuwig en altijd in het rooster blijft rondlopen. Omdat het rooster bestaat uit een eindig aantal cellen, betekent dit dat de mier minstens één cel een oneindig aantal keer bezoekt. Aangezien de richtingsaanwijzers bij elke stap draaien, volgt hieruit dat ook elke naburige cel een oneindig aantal keer bezocht wordt. Bij uitbreiding betekent dit ook dat elke cel in het rooster een oneindig aantal keer bezocht wordt, inclusief de cel in de rechterbovenhoek. Bijgevolg is het dus niet mogelijk dat de mier eeuwig in het rooster blijft ronddwalen, zonder de rechterbovenhoek van het rooster te bereiken.