Een digitale wekker geeft de tijd aan op een 24-uursklok. Om de tijdsaanduiding van de wekker te wijzigen, kan je gebruikmaken van knoppen om afzonderlijk de uren en de minuten in te stellen. Hierbij zijn er telkens twee knoppen waarmee je de instelling van de weergegeven uren (of de weergegeven minuten) respectievelijk met één eenheid kunt verhogen of verlagen. De digitale wekker laat hierbij op uur 23 terug uur 00 volgen, en laat op minuut 59 terug minuut 00 volgen.
Bepaal voor een gegeven tijdstip dat momenteel wordt weergegeven op de digitale wekker, hoeveel keer je minimaal op de knoppen moet drukken om een gegeven nieuw tijdstip in te stellen op de wekker.
Vier natuurlijke getallen die elk op een afzonderlijke regel staan. De eerste twee regels bevatten respectievelijk de uren $$u_0 \in \mathbb{N}$$ $$(0 \leq u \leq 23)$$ en de minuten $$m_0 \in \mathbb{N}$$ $$(0 \leq m \leq 59)$$ die de wekker momenteel weergeeft. De derde en de vierde regel bevatten respectievelijk de uren $$u_1 \in \mathbb{N}$$ $$(0 \leq u \leq 23)$$ en de minuten $$m_1 \in \mathbb{N}$$ $$(0 \leq m \leq 59)$$ waarop de wekker moet ingesteld worden.
Een regel die aangeeft hoeveel keer je minimaal op de knoppen moet drukken om het gegeven nieuw tijdstip in te stellen op de wekker.
Invoer:
6
30
7
25
Uitvoer:
6
Invoer:
23
58
5
30
Uitvoer:
34