Een bedrijf maakt voor elke medewerker een korte identificatiecode. De code bestaat uit de eerste twee en de laatste twee letters van de voornaam, allemaal in hoofdletters.
Schrijf een programma dat de gebruiker vraagt om zijn of haar voornaam in te voeren. Vorm vervolgens een nieuwe tekst die bestaat uit de eerste twee en de laatste twee letters van de naam. Toon deze code in hoofdletters.
Haal met Substring de eerste twee en de laatste twee letters op, plak ze aan
elkaar met +, en zet het resultaat om met ToUpper.
De code geeft een fout als de naam korter is dan 4 letters. Dat lossen we later op; je mag er voorlopig van uitgaan dat elke voornaam minstens 4 letters telt.
Invoer:
Ahmed
Uitvoer:
AHED
Invoer:
Charlotte
Uitvoer:
CHTE
(bij Ahmed zijn de eerste 2 letters Ah en de laatste 2 letters ed, samen
Ahed, in hoofdletters AHED)