Opdracht

Binnen toepassingen delen we functionaliteit vaak op in meerdere, kleinere methoden. In deze oefening simuleer je de software van een weerstation dat vlot moet kunnen converteren tussen Celsius en Fahrenheit.

De Methoden

Schrijf twee methoden die afronden op 2 decimalen (gebruik Math.Round):

  1. CelsiusNaarFahrenheit
    • Parameter: double gradenCelsius
    • Return type: double
    • Formule: $Fahrenheit = ( gradenCelsius \times \frac{9}{5}) + 32$
  2. FahrenheitNaarCelsius
    • Parameter: double gradenFahrenheit
    • Return type: double
    • Formule: $Celsius = (gradenFahrenheit - 32) \times \frac{5}{9}$

De Main Methode (Demonstratie)

Schrijf in je Main methode logica om te bewijzen dat converteren werkt. Volg exact dit stappenplan:

  1. Bewaar een begintemperatuur van 25.0 Celsius in een variabele en print: "Start: 25 graden Celsius".
  2. Zet dit om naar Fahrenheit met je eerste methode, bewaar het in een nieuwe variabele, en print: "Omgezet: [UITKOMST] graden Fahrenheit".
  3. Zet deze Fahrenheit uitkomst terug om naar Celsius met je tweede methode, en print ter bevestiging: "Terug omgezet: [UITKOMST] graden Celsius".

Voorbeeld Output

Start: 25 graden Celsius
Omgezet: 77 graden Fahrenheit
Terug omgezet: 25 graden Celsius