Drop hier links of afbeeldingen om ze aan de editor toe te voegen.

In de vorige oefening zocht je in één reeks getallen naar de eerste 250. In deze oefening hergebruik je dat zoeken, maar herhaal je het meerdere keren na elkaar. Per run laat je de computer opnieuw een aantal willekeurige getallen tussen 1 en 500 kiezen, en rapporteer je telkens na hoeveel keren 250 voor het eerst viel, of dat 250 die run nooit gekozen werd.

Wat je programma moet doen

  1. Lees op de eerste regel het aantal runs in.
  2. Maak je Random-object één keer aan, vóór de buitenste lus.
  3. Herhaal voor elke run met een buitenste for-lus:
    • lees in hoeveel getallen de computer in die run kiest;
    • kies die getallen één voor één met een binnenste for-lus (random.Next(1, 501)) en hou de beurt bij (de eerste keuze is beurt 1);
    • onthoud in een hulpvariabele de eerste beurt waarop 250 valt;
    • toon na de binnenste lus het resultaat van die run:
      • kwam 250 voor, toon dan (met b de eerste beurt):

        Het getal 250 werd na b keren gekozen
        
      • kwam 250 niet voor, toon dan precies:

        Het getal 250 werd nooit gekozen
        

Reset je hulpvariabele (bv. eersteKeer) terug naar 0 aan het begin van elke run, anders sleep je het resultaat van de vorige run mee. Hergebruik wél hetzelfde Random-object over alle runs: zo krijg je telkens nieuwe getallen.

Invoer en uitvoer

De invoer begint met het aantal runs. Daarna volgt per run hoeveel getallen de computer in die run kiest. Omdat de getallen willekeurig zijn, kan jouw resultaat anders zijn dan in het voorbeeld.

Invoer:

3
1000
1000
1000

Uitvoer:

Het getal 250 werd na 287 keren gekozen
Het getal 250 werd nooit gekozen
Het getal 250 werd na 41 keren gekozen

Er zijn 3 runs van elk 1000 keuzes. In de eerste run valt 250 voor het eerst na 287 keuzes, in de tweede run komt 250 niet voor, in de derde na 41 (dit is een voorbeeld; jouw getallen zijn willekeurig).