Tijdens het schoolfeest helpt Mila aan het kraampje met drankjes en snacks. Ze wil snel kunnen berekenen hoeveel een klant in totaal moet betalen.
Schrijf een programma dat telkens een eenheidsprijs en daarna een aantal inleest. Zolang de eenheidsprijs groter is dan 0, berekent het programma de prijs voor die regel en telt die op bij het totaal.
Wanneer de gebruiker als eenheidsprijs 0 of een negatief getal ingeeft, stopt het programma. Voor die laatste waarde wordt geen aantal meer ingelezen.
De invoer bestaat uit meerdere regels.
Per artikel worden er telkens twee waarden ingegeven:
De invoer eindigt met een eenheidsprijs die 0 of negatief is.
Toon enkel het totaalbedrag op 2 cijfers na de komma in deze vorm:
Te betalen: x
Hierbij is x het totaalbedrag, afgerond op 2 cijfers na de komma.
2.50
4
1.20
3
0
Te betalen: 13.60