Je hebt zojuist geleerd hoe je een for-lus in een functie kan gebruiken met een gegeven lijst. In deze oefening zal je dat toepassen. Je kan de uitleg hieronder nog eens bekijken als je dat wil.
Je hebt net geleerd hoe we een lijst die we eerder hebben aangemaakt in een for-lus kunnen gebruiken. Je kan dit hieronder nog eens bekijken.
steden = ["Brussel", "Gent", "Antwerpen"]
for stad in steden:
print(stad)
Wat gebeurt hier?
["Brussel", "Gent", "Antwerpen"] wordt opgeslagen in de variabele steden.steden.stad de waarde "Brussel".Brussel op het scherm wordt afgedrukt.stad de volgende waarde, namelijk "Gent".Gent op het scherm wordt afgedrukt.stad de volgende waarde, namelijk "Antwerpen".Antwerpen op het scherm wordt afgedrukt.Op het scherm zie je dus verschijnen:
Brussel
Gent
Antwerpen
Je hebt ook al eerder geleerd hoe je een functie kan maken in Python. Hieronder staat nog eens een voorbeeld.
def Optellen(a, b):
resultaat = a + b
return resultaat
Hierbij kan een gebruiker jouw functie gebruiken door een waarde voor a en b in te geven. Zo zullen ze bij de invoer 5 terugkrijgen.
Je hebt ook gezien hoe je een for-lus binnen een functie kan gebruiken. Hieronder staat nog eens een voorbeeld.
Deze functie, genaamd Hallo wereld! af. Hier is die functie:
def BegroetVaak(aantal_keer):
for i in range(aantal_keer):
print("Hallo wereld!")
Wanneer iemand deze functie gebruikt, kan die zelf kiezen welke waarde voor aantal_keer die als invoer geeft. Als iemand bijvoorbeeld 3 als invoer geeft door
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Zo ook krijgt iemand die
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Hallo wereld!
Hallo wereld!
We zullen nu de concepten combineren om een functie te maken waarin we een for-lus gebruiken met een gegeven lijst. Je geeft net zoals bij alle functies die je eerder hebt gezien de invoer (in dit geval een lijst) een naam, en binnen de functie kan je die naam gebruiken om naar de lijst te verwijzen. Vervolgens kan je een for-lus gebruiken om door elk element van die lijst te gaan en er iets mee te doen (zoals het afdrukken op het scherm).
Als je bijvoorbeeld een functie maakt die alle elementen van een lijst afdrukt, kan dat er zo uitzien:
def PrintAllesInDeLijst(de_lijst):
for element in de_lijst:
print(element)
Hierbij is de_lijst de naam die we hebben gegeven aan de invoerlijst van de functie. In de for-lus gebruiken we deze naam om door elk element van de lijst te gaan en het af te drukken met
Als iemand deze functie aanroept met een lijst, zoals
appels
broccoli
citroenen
druiven
Maak een functie genaamd Welkom [naam]!, waarbij [naam] wordt vervangen door de daadwerkelijke naam uit de lijst. Zie onderstaande input-output verwachtingen voor voorbeelden.
| Invoer | → | Verwachte output |
|---|---|---|
| → | |
|
| → | |
|
| → | |
|
| → | |
|
| → | |
|
| → | |