Een goed programma begint niet bij het typen van code, maar bij nadenken. Voor je begint te programmeren, analyseer je eerst het probleem. Zo vermijd je dat je halverwege vastloopt of een oplossing schrijft die niet doet wat gevraagd werd.
Vooraleer je code schrijft, overloop je best het volgende:
Drie van die vragen vormen de kern van bijna elk programma:
Dit invoer → verwerking → uitvoer-patroon is een handige kapstok: zodra je voor een nieuw probleem die drie vragen beantwoordt, ligt de structuur van je programma al grotendeels vast. In de volgende activiteit passen we dit patroon toe om een eerste volledig programma op te bouwen.
Plan eerst, codeer dan. Een paar minuten nadenken over invoer, verwerking en uitvoer bespaart vaak veel zoekwerk achteraf.